Archive for the ‘relaties en seks’Category

Positieve seks

door Marilou de Poorter

De Hiv Vereniging heeft afgelopen zomer de brochure Positieve seksualiteit uitgebracht. Een handzaam boekje vol ‘informatie en inspiratie bij je positieve seksualiteit’.

Vorige week vond ik voor de tweede keer een exemplaar in mijn brievenbus. Wellicht een subtiele hint om er hier eens een post aan te wijden? (Tot het tegendeel is aangetoond ga ik er vooralsnog tenminste niet van uit, dat iemand ermee zou willen suggereren op het intieme vlak in actie te moeten komen.)

Op de cover staan een gestileerde man- en vrouwfiguur. Ze kijken niet alleen van elkaar af, ook hun lichamen hebben ieder een andere richting: De man staat in een open positie en lijkt je recht aan te kijken, terwijl de vrouw met de hand op haar heup eerder een voorwaardelijke houding aanneemt en er, met haar van ons afgewende gelaat, sowieso bijna tegen haar zin bij lijkt te staan. Dat belooft niet veel goeds voor de vrouwelijke lezer – van de overigens verder fris vormgegeven brochure.

Op de openingspagina lees ik dat ‘seksuele beleving en gedrag verschillen van persoon tot persoon’. Dat herken ik. En die indruk was me inderdaad van de cover bijgebleven. Bij de opmerking dat wat voor een groep staat beschreven, niet per se opgaat voor al die personen – maar dan omslachtiger verwoord- krijg ik zin om het boekje weg te leggen. Het spreekt me als vrouw met hiv net iets te veel voor zich. Maar ik besluit om dan toch in ieder geval alle korte citaten van ervaringsdeskundigen te lezen.

De talloze, bondig opgestelde, persoonlijke ervaringen van hiv+ers zijn boeiend en geven tevens in kort bestek een breed overzicht van de seksualiteitskeuzes die een mens in zijn leven kan maken. Een snelcursus vrijdenkend Nederlandschap voor allochtone medeburgers is er niets bij. Al bladerend lees ik vervolgens iets over tantra (voor wie daar meer over wil weten raad ik boeken van Margo Anand hierover aan) en ook de kop die onbedoeld suggereert dat seks het leven van de dokter eveneens kan verrijken, tovert een grijns op mijn gezicht. Maar bij het hoofdstukje over zwangerschap word ik toch even ernstig. Niet omdat het hier een zwaarbeladen onderwerp betreft, maar omdat ik in dit deel zwart op wit gedrukt tegenkom dat iemand voor zijn eigen gezondheid ook best (nog even) geen hiv-remmers kan willen gebruiken.

Dit specifieke feit mis ik namelijk veel te vaak in de meest actuele informatievoorziening over preventie van hiv-overdracht, waarmee je wel bijna doodgegooid lijkt te moeten worden, zo hot is Pre-Exposure Prophylaxis – kortweg PrEP – nowadays. Ook in het hoofdstukje naar aanleiding van het Zwitsers standpunt wordt even stilgestaan (en voor achtergrondinfo naar de site doorverwezen) bij PrEP  ‘als alternatief voor, of aanvulling op condoomgebruik’.

Ineens denk ik de lichaamshouding van de vrouw met voor mij onbekende hiv-status, toch te begrijpen: Ze is natuurlijk nog zo gezond als een vis en zit er helemaal niet op te wachten, al dan niet onder zachte dwang, een zwaar medicijn te moeten slikken opdat haar echtgenoot, of potentiële klanten, het condoom achterwege kunnen laten. En daarin geef ik haar dan groot gelijk. Het is dat die dagelijkse pillen me in leven houden, maar het liefst zou ik ze toch allemaal vandaag nog naar een verzamelpunt voor klein chemisch afval brengen.

De info over positieve seksualiteit is hier ook digitaal te vinden.

02

09 2012

Hiv en hetero in Arnhem

De zomervakanties zijn afgelopen en in regio Gelderland is het hiv-café – zoals gebruikelijk om de week – weer open!

Op woensdag 5 september is het thema: Hiv en hetero.

“Hoe is het voor hetero’s om hiv te hebben? Zijn de ervaren stigma’s dezelfde als die waarvoor homomannen met hiv vaak komen te staan? Hoe gaat de gezondheidszorg met hiv+heterovragen om? Houd je het geheim voor je kinderen? Moeten je kinderen het geheim houden?”

Er zijn ervaringsdeskundigen aanwezig en er zal volop gelegenheid zijn om ervaringen uit te wisselen. Afhankelijk van opkomst en behoefte zal de bijeenkomst in een aparte ruimte plaatsvinden.

Plaats: Coehoornstraat 8, Arnhem

Tijd:     20:00 uur, café open vanaf 19:30

Cupido

Als je zo’n twintig jaar geleden langere tijd niets van iemand met hiv hoorde, kon je er zeker van zijn dat er iets zeer ernstigs aan de hand was. Anno 2012 is de kans gelukkig groter dat iemand bijvoorbeeld even volledig in beslag wordt genomen  door een uitdagende baan. Of, zoals Sabine, zich tijdelijk op de top van een roze wolk bevindt. Een herkenbaar verhaal over verlangen en vrees. Wordt vervolgd!

door Sabine

Ik weet nu enkele jaren dat ik hiv positief ben. In het begin was het moeilijk, maar op een gegeven moment leer je dat het niet anders is. Je hebt dan twee keuzes: Of je kwijnt weg in zelfmedelijden – wat natuurlijk met momenten ook wel eens lekker is. Of je geeft de moed niet op, gooit je hoofd hoog de lucht in en leeft!

Ik koos voor het laatste. En ik moet zeggen: Dat gaat me goed af. Ik betrap me er zelfs op dat ik niet eens meer wekelijks bezig ben met hiv, terwijl ik in het begin dacht dat het een dagelijkse confrontatie zou worden. Ik leef mijn leven: Werk, studeer, geniet van mijn familie en vrienden, onderneem veel leuke dingen en beleef veel mooie momenten. En dan, net op het moment dat je denkt dat je alles lekker onder controle hebt, word je verliefd! Hartstikke leuk natuurlijk en zeker als je merkt dat het wederzijds is. Maar toch sloeg hier de onzekerheid toe. Kwamen er 1001 vragen in mijn hoofd op: Wil ik dit wel? Kan ik dit wel? Is het wel eerlijk tegenover hem? Hoe gaat hij reageren als ik het vertel? Zou hij ermee kunnen omgaan, of word ik straks keihard afgewezen?

Onrust, verdriet, maar ook kriebels in mijn buik, een lach op mijn gezicht en een twinkeling in mijn ogen. Ik was vergeten hoe verliefd zijn aanvoelt en had me er totaal voor afgesloten. Mijn leven alleen was zelfs al bijna volledig gepland. Lekker dramaloos alleen. Niks mis mee! Dus waarom komt cupido nu opeens om de hoek kijken? Dit maakt het allemaal weer zo ingewikkeld! Na lang wikken en wegen besloot ik om toch op onderzoek te zullen gaan. En zo stortte ik mezelf, na 3 jaar single te zijn geweest, weer in de wereld die daten heet.

De eerste date was erg gezellig en ik merkte direct dat er echt sprake was van een klik tussen ons. We kletsten honderduit en over zoveel verschillende dingen. Al snel volgde er een tweede date. Ook deze verliep alsof we elkaar al jaren kende. En jawel hoor, de kriebels in mijn buik werden steeds erger. Het aantal sms’jes en telefoontjes dat ik van hem kreeg bewees duidelijk dat de verliefdheid wederzijds was. Een heerlijk gevoel! Maar ook zo dubbel. Want we hadden inmiddels al over heel veel dingen gepraat en het voelde veilig en vertrouwd tussen ons, maar toch lukte het me maar niet om dat ene onderwerp aan te snijden. Iets hield me tegen.

Ik denk dat het mijn eigen angst was. Angst om niet geaccepteerd te worden hoe ik ben en om wat ik heb. Bang voor zijn reactie: Wordt het een afwijzing, of toch acceptatie? En hoe gaat het daarna verder? Beperk ik hem niet op het gebied van seks? Is het wel eerlijk om hem met mijn hiv te belasten? In mijn hoofd had ik alle scenario’s die me maar te wachten konden staan al doorgenomen. Onzin natuurlijk, want je weet nooit hoe iemand gaat reageren. Al snel kwam er van hem uit de vraag voor een derde date. Na een paar uur nadenken nam ik mezelf vast voor om hem op deze date dan echt te vertellen dat ik met hiv leef. Die date plande ik wel lekker veilig bij mij thuis! Die avond was het gewoon weer heel gezellig: We aten samen, praatten lekker, lachten veel en keken op de bank een filmpje. En dan kijken zijn ogen niet meer naar de tv, maar naar mij. Nadert zijn gezicht het mijne en kijkt hij me doordringend aan: onze eerste kus was een feit.

En het voelde heerlijk! Maar direct erna klapte ik dicht. Werd ik onzeker en wist ik niet hoe snel ik de keuken in moest lopen ‘om wat te drinken te halen’. Na een poosje raapte ik alle moed die ik kon vinden bij elkaar en besloot ik het nu dan toch echt, echt, écht te zullen vertellen.

In de woonkamer keek hij me niet begrijpend aan: ‘Heb ik wat verkeerd gedaan?’, hoorde ik zeggen. Met moeite keek ik hem ook aan en antwoordde: ‘Nee, maar er is wel iets dat je moet weten’. Tegelijk realiseerde ik me: Nu kan ik niet meer terug!

Ik ben daarna gaan zitten, heb eens diep gezucht en al starend naar de grond kwam het hoge woord eruit. Wat was ik opgelucht dat ik het nu eindelijk gezegd had! Voelde een zware last van mijn schouders vallen en slaakte nog een zucht, maar dit keer van verlichting. In afwachting van zijn reactie hees ik mijn hoofd omhoog en keek onderzoekend naar zijn gezicht. Zijn ogen zochten die van mij en het enige wat hij zei was: ‘Sabine, kijk me aan en zeg het nog eens. Alleen dit keer niet starend naar de grond, maar tegen mij: Je vriend’.

Lees binnenkort meer over Sabine’s ervaringen met Cupido. In the meantime kun je haar ook vragen voorleggen door op deze post reageren.

04

08 2012

Positief Leven

Op meerdere locaties in Nederland zal de Hiv Vereniging de komende tijd gratis workshopreeksen organiseren met de – opbouwende – titel: Positief Leven. Een reeks duurt 9 weken van 6 bijeenkomsten.

Onderwerpen die onder meer aan bod gaan komen zijn: Werk en school, medische informatie, seksualiteit, baas worden over je eigen gedachten en het vinden van nieuwe doelen.

Er wordt van je verwacht dat je zoveel mogelijk komt opdagen en dat je ter voorbereiding van ieder workshop een hoofdstuk uit de deelnemersmap leest.

Aanmelden kan bij het Servicepunt: 020-6892577. Kijk voor meer info wel eerst even hier.

20

07 2012

Liefde vermenigvuldigt zich als je het deelt

hiv en kinderwens - een ervaring

door: Abida

In maart 2010 kreeg ik mijn hiv-diagnose. Er was, na een problematische relatie en vier jaar alleen te zijn geweest, nét een half jaar een leuke man in mijn leven. Dat ik hiv bleek te hebben kwam als een donderslag bij heldere hemel, totaal onverwacht. Er ging van alles door mijn hoofd. Het werd al snel duidelijk dat de onzekerheid over het behouden van mijn nieuwe relatie omsloeg in een het gevoel van een sterkere band. Mijn partner, die overigens hiv-negatief is, wilde goddank met mij verder. We zijn nog steeds erg gelukkig samen.

In de beginperiode hadden we van alles aan ons hoofd. Toen de chaos een beetje begon te verdwijnen ontstonden er hoofdvragen en bijvragen. Een belangrijke hoofdvraag voor ons was toch wel onze kinderwens. We hadden het er al eens over gehad en waren tot de conclusie gekomen dat wij in de toekomst heel graag gezinsuitbreiding zouden willen.  Hoe moest dat nu dan? Door mijn hiv leek onze droom in één klap vervlogen. Toen we dit onderwerp met onze consulente bespraken, bleek onze droom helemaal niet per definitie van de baan. We gingen op zoek naar informatie door middel van gesprekken en publicaties. Op de site van de HVN kwamen we bijvoorbeeld het volgende stukje tegen:

Hiv-positiviteit hoeft geen belemmering meer te zijn om kinderen te krijgen. Hiv-remmers tijdens de zwangerschap en afzien van het geven van borstvoeding hebben de kans dat hiv wordt overgedragen verkleind tot minder dan 1%. Overleg met je hiv-behandelaar is nodig om in de zwangerschap de juiste combinatietherapie te gebruiken en ook het kindje moet na de bevalling medicijnen slikken. In Nederland zijn met deze strategie nog geen hiv-positieve kinderen geboren.’ Ja, dachten we, dat is mooi gezegd. Maar wat als…. Het onderwerp verdween weer naar de achtergrond.

Najaar 2010 ontstonden er opnieuw problemen met mijn gezondheid. Uit de eerste hiv-screening was gebleken dat de uitslag van mijn uitstrijkje niet goed was. Vervolgonderzoeken mondden uit in een biopsie. Het weefsel van de biopsie was niet goed en de conclusie was baarmoederhalskanker, mogelijk als gevolg van mijn hiv. Drastische maatregelen volgden en twee maanden na de uitslag van het uitstrijkje werden lymfeklieren en een gedeelte van mijn baarmoedermond verwijderd. Gelukkig was dit weefsel schoon en was er daarna geen chemokuur of bestraling nodig.

Je begrijpt dat ik hierna een totaal wrak was. Fysiek was het herstel zwaar, maar twee keer in één jaar voor je gevoel met de dood bedreigd worden was psychisch ondraaglijk. Er volgde een periode van herstel en verwerking. De kinderwens verdween naar de achtergrond. Ik had nu wel wat anders aan mijn hoofd. In deze periode werden we, mijn partner en ik, toch wel erg met onze neus op de feiten gedrukt. We zagen dat er geen garanties zijn en dat je gezondheid niet altijd vanzelfsprekend is. Als de baarmoederhalskanker terugkomt, is er een grote operatie nodig. Dan wordt mijn baarmoeder verwijderd en is de kans op kinderen verkeken. Dit deed ons besluiten om daadwerkelijk vorm te gaan geven aan onze wens.

Goed, waar begin je dan? Want als hiv positieve vrouw zijn er toch wel wat aandachtspunten voor je zwanger kunt worden. Als eerste dan maar een gesprek bij de hiv-consulente en de internist. Groen licht en een recept voor andere medicatie. Ik had Atripla, maar Atripla en zwangerschap zijn geen geschikte combi vanwege de schade die het bij de ongeboren vrucht kan veroorzaken. Het wisselen van medicatie vond ik heel spannend. Je weet wat je hebt, maar niet wat je terugkrijgt. Ik ging van één keer één tablet, naar twee keer vier tabletten per dag. Dat was best even wennen. Gelukkig kreeg ik geen bijwerkingen. De nieuwe medicatie bevalt me goed.

Dan stap nummer twee, zeg maar de praktische invulling. Zwitsers standpunt of niet?  We denken er nog over na, maar twijfelen nog aan de betrouwbaarheid ervan. Zelfinseminatie hebben we als eerste geprobeerd, maar na vijf maanden bleken we nog steeds niet zwanger. Gelukkig werden we door de gynaecoloog meteen doorverwezen naar een fertiliteitskliniek voor verder onderzoek. Na hun advies hebben we besloten te kiezen voor een IUI-traject – inseminatie in de baarmoeder en in je natuurlijke cyclus.

Eindelijk was het zover, onze eerste IUI-behandeling zou plaatsvinden: spannend! Op een zaterdag moesten we naar de kliniek. We hadden goede verwachtingen – de resultaten van alle onderzoeken waren immers goed. Maar tot onze grote teleurstelling lukte de IUI-behandeling niet. Oud littekenweefsel had een blokkade veroorzaakt, die alleen verholpen kan worden met een nieuwe operatie. Binnenkort zal ik daar dus voor onder het mes moeten. Daarna gaan onze inspanningen om zwanger te worden weer verder.

Ik heb getwijfeld of ik andere hiv-positieve vrouwen deelgenoot wilde maken van onze beslommeringen. Ze zijn wel heel persoonlijk. Toch hoop ik, hoe de uitkomst ook mag zijn, dat anderen iets hebben aan mijn ervaringen met zwanger worden. Daarom ga ik na mijn operatie een dagboek bijhouden en fragmenten daarvan met jullie delen. Binnenkort zijn deze hier te lezen.

15

05 2012

liefde, hiv en neushoorns

In de autobiografische graphic novel “Blauwe Pillen” vertelt Frederik Peeters over zijn liefde voor Cati die seropositief blijkt. Het is alweer tien jaar geleden dat hij haar ontmoette.

Frederik en Cati. Vlindertjes langs beide kanten. Liefde met grote L. Daar kwam weinig verandering in toen zij hem haar grootste geheim vertelde: ze was seropositief. Haar jonge zoontje ook.

In de autobiografische graphic novel “Blauwe Pillen” -genoemd naar de lichtblauwe antivirale pillen tot wie zijn geliefde in de beginfase haar toevlucht moest nemen- vertelt en beschrijft de Zwitserse stripauteur Frederik Peeters wat er op dat moment in hem omging. Afwijzing, vluchten, begeerte, passie, verlangen en angst zijn maar enkele van de emoties die op dat moment door zijn hoofd schoten, of, hoe hij het in zijn boek beschrijft: “Gedurende een seconde van mijn leven gaf ik mij over aan mijn meest intense emoties.”

Het koppel krijgt een eerste grote tegenslag te verwerken wanneer bij een vrijpartij het condoom scheurt. De angst is groot. Soelaas brengt Cati’s huisdokter die het koppel meteen geruststelt en zegt dat de kans dat hij besmet is geraakt even groot is dat hij bij het buitengaan van de praktijk onder de voet wordt gelopen door een neushoorn. Wat volgt is een mooi beeld waarin plots een immense neushoorn achter het jonge koppel opduikt. Verder in het verhaal kijkt Peeters meermaals achterom, om er toch maar zeker van te zijn dat er ergens geen neushoorns is ontsnapt. Dat soort beelden hanteert Peeters vaker in het verhaal. Een meerwaarde voor het boek.

In de daaropvolgende jaren krijgt Peeters ook te maken met iets nieuws: het vaderschap. Cati’s zoontje erkent hem eerst niet, dan wel. Maar de auteur is vooral bezorgd over de gezondheid van het kereltje, dat al in zijn eerste jaar de blauwe pillen moest innemen. Ook daar tiert de angst, maar langzaamaan ebt het weg, worden ze beter geïnformeerd over de ziekte alsook de do’s en dont’s, en zal de liefde overwinnen. “Misschien is het wel makkelijker voor ons,” zei Peeters in een recent interview. “Dat is omdat we een gemeenschappelijke vijand hebben: het HIV-virus. Daarmee hebben we sneller leren relativeren over andere alledaagse dingen.

Blauwe pillen is geworden wat het moest worden: een modern liefdesverhaal, en gelukkig geen pessimistisch verhaal over een ziekte en een moeilijke liefde. Net het feit dat de auteur niet verdoezelt, doodeerlijk is over zijn emoties en bij momenten zijn filosofische gedachtegoed op een frisse manier verbeeldt, maakt dit een bijzonder knap en zelfs sympathiek boek. Het beschrijft de liefde hoe het werkelijk is, want elke liefdesrelatie krijgt wel te maken met angsten en het overwinnen van drempels.

In dat opzicht is het een universeel boek geworden dat je op verschillende lagen kunt lezen. Bijzonder mooi, al zijn de heersende ideeën en behandeling rond HIV en AIDS ondertussen danig veranderd en mocht de Nederlandse uitgever daar wel over berichten in een nawoord. Maar het blijft hoe dan ook een bijzonder geslaagd boek. In Zwitserland, waar het boek jaren geleden al uitkwam, is het ondertussen al aan zijn tiende druk toe. Een terecht succes.

door Geert De Weyer

“Blauwe pillen”. Frederik Peeters. Uitgeverij Sherpa, 190 pag.

bron: cobra.be

noot van de webredactie: in het Nederlandse hiv-circuit geeft men er tegenwoordig veelal de voorkeur aan hiv en aids niet meer met hoofdletters te schrijven.

13

05 2011

Changing Men and Transforming Masculinities

Are you interested in African culturally determined behaviours or do you deal with this on a regular or even daily basis? Maybe you can learn and even contribute from your own experience on this very interesting free Seminar in Utrecht on Thursday January 13th. All to do with African men, their (and your?) sexuality and hiv. Feel free to register!

Changing Men and Transforming Masculinities:

Practices, Perspectives and Resources

Seminar on the Transformation of Masculinities in African Christianity

 

As a result of the HIV epidemic, concepts of masculinity in sub‐Saharan Africa have become problematised and are contested. Dominant versions of masculinity in African cultures and societies are often associated with the spread of HIV and with gender‐based violence. Against this background, UNAIDS has underlined the need for active masculinity politics: ‘Given the urgency of curbing HIV rates … it is important to challenge harmful concepts of masculinity, including the way adult men look on risk and sexuality and how boys are socialized to become men.’

 

The intersections of religion and masculinities are complex: on the one hand, religion is often considered a factor that sustains or reinforces problematic notions of masculinity, while on the other hand religion is considered a resource and instrument to change men and to transform masculinities.

 

This seminar explores the constructive role of religion in the transformation of masculinities, particularly focusing on Christianity and Christian theology in sub‐Saharan Africa.

The seminar is held at the occasion of the conclusion of the research project Religion, Masculinities and HIV, co‐funded by ICCO, Prisma, Kerk in Actie and Utrecht University. At the symposium, the major findings of the research are presented, discussed, evaluated and explored.

 

Speakers: Prof.dr. Ezra Chitando, University of Zimbabwe & EHAIA

Adriaan van Klinken MA, Centre IIMO, Utrecht University

Dr. Fulata L. Moyo, Women in Church and Society, World Council of Churches

Chair: Prof. dr. Martha Frederiks, Centre IIMO, Utrecht University

 

Time: January 13, 2011, 10‐13h (welcome with coffee/thee from 9.30h)

 

Location: Protestant Service Centre, Joseph Haydlaan 2, 3533 AE Utrecht

 

See http://www.icco.nl/en/contact/itinerary for an itinerary.

 

The programme of the seminar provides sufficient time for discussion. Afterwards, all participants are invited for lunch. The symposium is open to all who are interested in the topic under discussion. Entrance is free but

registration is required.

 

Please register before January 11, by sending an email to Jeannette Damman, jeannette.damman@icco.nl. Indicate in your email whether you will attend lunch.

For further information, please contact Lisette van der Wel, lisette.van.der.wel@icco.nl, or Adriaan

van Klinken, a.s.vanklinken@uu.nl.

bron: ICCO

04

01 2011

Hoezo mislukt?

door Marilou de Poorter 

Een week of wat terug werd ik aangenaam verrast door de uitnodiging van een bevriende buur om de volgende dag met haar mee te rijden naar haar caravan aan de kust. Meestal ben ik in mijn kennissenkring namelijk degene die het vervoer voor haar rekening neemt. Dat ten eerste. Maar op de één of andere fiets moeten de initiatieven om iets leuks te doen bijna altijd van mij komen, wil er nog wat te beleven vallen in de tent. Zowel mijn mannen als mijn vriendinnen kijken kennelijk liever – passief – de kat uit de boom. Beperken zich tot het maken van plannen en komen zelden verder dan het uitspreken wat ze allemaal voor leuks – al dan niet met mij – willen gaan doen. Met hun leven, dan wel met hun vrije dagen. Of dit iets zegt over mijn vriendenkring of eerder wat over mijzelf, wil ik hier maar verder in het midden laten. Dat is voer voor een heel andere column. Een extra lange, schat ik zo in.

Deze buurvrouw heeft net als ik een zwaar bestaan als alleenstaande moeder, want ook háár nageslacht kampt met een extra zorgbehoefte. En het woont, hoewel allang volwassen, óók nog steeds veilig bij moeders thuis. Zoiets schept een band. Dat is het mooie van herkenning: het verbindt mensen heel natuurlijk en ongedwongen. En je verbonden weten, je verbonden voelen, kan de scherpe kantjes van je bestaan een beetje verzachten. Oude wonden helpen helen. Wanneer we samen koffiedrinken herkennen we elkaars frustraties ook zo heerlijk. Over onze als zand tussen de vingers doorglippende levens. Of de jaar in jaar uit terugkerende frustratie van het vaak kortzichtige beleid, de starre regelgeving en de nog nèt niet zwakbegaafde hulpverleners waarmee we zowat dagelijks te maken krijgen. Over de liefde en mannen hebben buuv Bea en ik het niet zo vaak. Of het moet in de verleden tijd zijn. Want hoewel Bea mannen altijd voor het uitzoeken heeft gehad is dat hoofdstuk – door haarzelf – vooralsnog definitief gesloten. Na de zoveelste mislukte liefde had ze het gehad. In mijn liefdesescapades lijkt ze sindsdien dan ook alleen nog geïnteresseerd om er smalend over te kunnen schimpen. Nog voor ik de update van dat moment heb kunnen afronden, heeft ze haar oordeel namelijk doorgaans al op snijdende toon uitgesproken. ‘Dumpen die hap!’ ‘Meteen bij het grofvuil!’ Waarin ik haar, achteraf bezien, tot nu toe meestal gelijk heb moeten geven. Maar dat terzijde.

Behalve dat ik het jammer vind dat ik met dit onuitputtelijke onderwerp niet bij haar hoef aan te komen, vind ik het toch het meeste jammer voor Bea zelf dat ze niet meer in liefde en seks geïnteresseerd wil zijn. Ze hoeft geen hiv- of ander onhandig obstakel – misvormde billen, haargroei op ongewenste plaatsen, een slecht zittende pruik – te overwinnen en heeft sowieso – nog steeds – altijd wel een aanbidder in de aanbieding. Dat ze zichzelf desondanks de kans op liefde en intimiteit ontzegt, is in mijn ogen net zoiets als apathisch in een slecht huwelijk blijven hangen. Dat je dan zeker weet waar je aan toe bent zal best heel veilig voelen, maar of je daarmee nou je leven ten volle leeft, waag ik toch te betwijfelen. En ik kan het weten, want ik leef alweer jaren in reservetijd én ik ben gelukkig gescheiden. Dus tel uit je winst.

Toegegeven, wanneer je als vrouw sterk in je schoenen staat en dat ook uitstraalt, zullen veel leuke, mogelijk deugdelijke mannen door je geïmponeerd kunnen raken en niet dichterbij durven komen. Terwijl – zul je net zien – overmoedige misbaksels hun kansen juist bij iemand als jij zullen willen uitproberen. Bea en ik weten daar helaas alles vanaf. Maar waar buuv Bea haar ervaringen in de liefde vooral blijkt te zien als ‘mislukkingen’, neig ik er toch meer naar ze te benaderen als ‘ervaringen die me dichter bij mezelf hebben gebracht’. Vanuit mijn standpunt heb ik niet een ‘foute keuze’ gemaakt. Kiezen is volgens mij überhaupt nooit ‘fout’. Niet kiezen, geen risico’s durven aangaan en veilig doorsudderen in je cocon van al dan niet actief zelfbeklag: dat zou je misschien een mislukking kunnen noemen.

Vanaf de passagiersstoel heb ik onderweg naar de kust relaxed het voorbijglijdende landschap op me in kunnen laten werken. Onder de appelboom naast Bea’s caravan heb ik me koffie met handgeklopte melk en vers belegde broodjes voor laten zetten. Ik heb er volgzaam mee ingestemd naar het strand te gaan en me aan het eind van de dag met een rozig gevoel weer veilig voor de deur af laten zetten. Dit was allemaal nieuw voor me. Nieuw en wennen en soms ook wat ongemakkelijk. Maar ik mag deze andere manier van in het leven staan eigenlijk wel. Het heeft wel wat, om af en toe eens bij de hand te worden genomen en alleen maar te hoeven ondergaan. Ik denk dan ook dat ik me in het vervolg vaker wat passiever ga opstellen. Ervoor kies wat eerder achterover te leunen en maar te zien wat er dan naar mij toekomt. Wie weet, durft die andere categorie mannen me in één moeite door meteen gemakkelijker te benaderen.

07

09 2010

In de wachtkamer

door Marilou de Poorter

Twee keer per jaar ga ik – samen met mijn zoon, want dat scheelt weer een ritje – op controle bij de internist. Na al die jaren weet ik nog steeds niet precies op welke etage ik dan uit de lift moet stappen, maar wanneer de deuren zich openen kan ik wel in één oogopslag zien dat we waarschijnlijk op de juiste verdieping zijn beland. Het ziet er daar namelijk opvallend huiselijk uit voor een steriel ziekenhuis. De rijen fris gekleurde stoeltjes suggereren zelfs dat er een heel gezelschap wordt verwacht. Voor een kennismakingsactiviteit of iets anders knus. Op een tafel tegen de wand staan de koffie- en theekannen al klaar om de genodigden gastvrij te onthalen. Wat op deze etage nog meer meteen in het oog springt, is de personenweegschaal aan de andere kant van de balie. Als ik die zie, weet ik zeker dat we goed zijn.

Laatst had er niemand achter de receptie gezeten toen wij ons wilden melden. Maar ik ken inmiddels de procedure en was alvast uit mezelf op de computergestuurde weegschaal gestapt. Als je op een knop drukt verschijnt er een soort kassabon, die de baliemedewerker dan weer bij je dossier voegt. Oké, ik had misschien wat gehaast gehandeld deze keer. De afgelopen maanden ben ik namelijk nogal van vorm veranderd. Mijn kleding is om mijn buik, borsten en billen wat gaan knellen. Zodanig, dat ik nieuwe jurkjes had moeten aanschaffen en al. Helemaal niet erg. Maar ik was daardoor toch best nieuwsgierig geworden naar mijn actuele gewicht. Dat ik die dag geen al te zware kledingstukken had aangetrokken was echter vooral ingegeven door het warme weer. Niet om de computer te misleiden.

Na één van de drie bovenste toetsen te hebben ingedrukt gebeurde er niets. Het indrukken van een willekeurige volgende toets bleek tot mijn schrik volgens het display een storing in het apparaat te hebben veroorzaakt. Heb ik weer. Op dat moment kwam er juist iemand in de verder nog steeds verlaten wachtruimte binnenlopen. Galant schoot hij – het was een man, een niet onaantrekkelijke om precies te zijn – me te hulp. Het zweet brak me inmiddels om meerdere redenen aan alle kanten uit. Tijdens wat een opvlieger leek verscheen er alsnog een ziekenhuismedewerkster aan de balie. Met iets van argwaan bekeek ze de verhitte situatie voor haar toko. Het door een mannenhand – al even galant – aangereikte bekertje koud water bracht gelukkig verkoeling.

Om kort te gaan: het weegschaaldefect werd door de baliedame deskundig opgelost en de mannelijke medepatiënt testte het toestel (83 kilo, maar hij was dan ook best lang) waarna hij zich weer tot mij wendde. Terwijl we wat over het weer en kuren hebbende apparaten keuvelden, vroeg ik me af of hij er misschien ook voor het hiv-spreekuur kwam. En of de vrouw die ondertussen eveneens was gearriverd bij hem hoorde. Uit de vanzelfsprekende manier waarop hij ongevraagd een klontje suiker in haar koffie deed concludeerde ik dat dit inderdaad zo was. Dat de man in kwestie mijn aandacht na de komst van zijn partner opnieuw probeerde te vangen, nam ik hem dan ook bijzonder kwalijk. Want op een warme zomerdag flirten wanneer je echtgenote niet in de buurt is, daar kan ik nog inkomen. Maar om daar pal voor haar neus mee dóór te gaan vond ik op zijn zachts gezegd niet sympathiek. Daar wilde ik niets mee te maken hebben.

Pas in de auto terug naar huis kwam de mogelijkheid in me op dat het ook best zijn schoonzus had kunnen zijn. Of een behulpzame buurvrouw of wellicht zijn buddy waarmee hij regelmatig koffie drinkt. Dat zou in ieder geval verklaren waarom ik die twee totaal niet vond matchen. En had ik daarmee mezelf niet meteen op een nogal kort door de bocht gemaakte aanname betrapt eigenlijk? Voor een voorvechtster van ‘hiv ont-stigmatisering’ zou dat best gênant zijn. Zodat het dan de hoogste tijd werd allereerst mijn eigen mogelijke vooroordelen eens goed onder de loupe te nemen. In het vervolg niet meer zondermeer iets aan te nemen, maar op de man af uit te spreken wat ik me in stilte afvraag of weten wil. Ook al is dat niet altijd even gemakkelijk. Het zou me zomaar onvermoede voordeeltjes kunnen opleveren. Om te beginnen: in plaats van het slappe bakkie troost van de wachtkamer, een kop pittige expresso ergens op een trendy terrasje. In gezelschap dat tenminste gewicht in de schaal weet te leggen.

04

08 2010

Een beetje aandacht

door Marilou de Poorter

Sinds ik in de overgang ben, denk ik wat meer zoals een man. Dat wil zeggen dat ik overal op straat lekkere hapjes zie waar ik eerst, net als de vriendin waar ik laatst mee op een zomerfestival was, vooral boeiende mensen in allerlei vormen en maten kon zien. Ook best interessant, daar niet van, maar dit hormonale gerommel in mijn onderbuik is voor de verandering toch zeker zo intrigerend. Bovendien is het een fase. Een niet al te duidelijk afgebakende, doch tijdelijke gewenningsperiode van mijn lichaam aan haar nieuwe evenwicht straks. En aangezien fases als hoofdkenmerk hebben dat ze voorbij gaan, probeer ik ervan te genieten nu het nog kan. Want ik kan nu wel moeilijk gaan lopen doen over alle hinderlijke verschijnselen die ermee gepaard gaan, maar voorlopig geef ik er de voorkeur aan eruit te halen wat er voor me inzit. Voor het straks allemaal alweer voorbij is en ik alleen nog kan terugkijken op mijn gemopper op het onvermijdelijke ongemak. Ik flirt er de laatste tijd dan ook op los, wat me - wellicht vanwege het mooie weer maar nog waarschijnlijker vanwege mijn toegenomen rondingen - beter afgaat dan ooit. De zon schijnt, mijn decolletés zijn laag, de wijn vloeit en de vonken spatten er vanaf. Lang leve het Zwitserse standpunt !

Om Carmen een beetje op te beuren was ik haar op de loslopende mooie mannen gaan attenderen. Dat hielp. Dat helpt altijd, of je nou hiv hebt of niet. En je hoeft er ook niet eerst voor in de overgang te zijn. Alleen bleek haar blik dus nét iets anders gefocust dan de mijne. De altijd goed verzorgde zuidelijke schone, bleek voornamelijk oog te hebben voor de outfits van andere zomers geklede vrouwen. In het bijzonder het detail van omhoog stekende lipjes aan de achterzijde van hun top of jurk trokken haar aandacht. Hoewel we het erover eens waren dat we er van zouden balen om ongeweten zélf zo rond te lopen, voelden we er toch weinig voor in te grijpen. Ik was er op dat moment ronduit te lui voor, eerlijk is eerlijk. Het was een zwoele zondag en ik was in een lome vakantiestemming. Carmen had weer zo haar eigen motieven. Die zat nu eenmaal even in een dip. Eigenlijk zou er iemand op het terrein moeten rondlopen die er specifiek mee was belast uitstekende lipjes naar binnen te vouwen, dan wel af te knippen (Carmen’s beproefde remedie), concludeerden we unaniem. En ik wist daar wel iemand voor ook. Een ietwat onzekere kennis uit het hiv-circuit – net als Carmen alleenstaand en een beetje eenzaam – zou zeker weten een moord doen voor zo’n job.

Wanneer we later die dag bij mij thuis nog wat gaan drinken zoek ik op de computer gelijk maar contact met hem. Dat mijn mokkakleurige bezoek de natte droom is van menig man, begrijp ik door mijn hormoonverschuiving inmiddels bijna van nature. De broeierige blik in de ogen op het beeldscherm voor ons bevestigde dit tijdelijke inzicht van mij onmiskenbaar. Carmen straalde dan ook als een net verkozen koningin van het tropisch Zomercarnaval. Wanneer ik achter haar rug samenzweerderig naar de webcam knipoog, trekt het blauwe merklipje van het vest dat ze van me had aangetrokken, onontkoombaar even mijn aandacht.

28

06 2010