Archive for the ‘werk en inkomen’Category

Werknemers met hiv moeten sterk in schoenen staan

door Marilou de Poorter

Afgelopen donderdag vond in de Rode Hoed in Amsterdam de presentatie plaats van de Multidisciplinaire Richtlijn Hiv en Arbeid. De aanbevelingen in deze richtlijn zijn gebaseerd op wetenschappelijk bewijs, dat uitvoerig is teruggekoppeld naar de praktijk van relevante zorgverleners en hun achterban. Dat de richtlijn evidenced based is, maakt hem, net zoals het Zwitserse standpunt dat op het intieme vlak al deed, een betrouwbare steun in de rug voor aan het arbeidsproces deelnemende en actief werkzoekende mensen met hiv. Konden we voorjaar 2009 al met een gerust geweten onder bepaalde omstandigheden het condoom tijdens seksuele activiteit achterwege laten, anno 2012 is het met de door de expertisegroep Hiv en Arbeid tot stand gekomen richtlijn in de hand al bijna even ontspannen geworden om te solliciteren, te werken en op promotie te azen. Althans, de benodigde wetenschappelijke grondbeginselen hiertoe zijn in kaart gebracht en kunnen het zelfvertrouwen van zich kwetsbaar voelende hiv+ers een zeer waardevolle boost geven.

Dat bijna alle sprekers op het begeleidende symposium spraken ‘over’ mensen met hiv en soms ook over hun cliënten of hun patiënten, vond ik niet zozeer storend – zo gaat dat nou eenmaal op seminars, congressen en symposia rondom hiv – maar maakte wel dat ik enigszins ongemakkelijk op mijn stoel ging zitten schuiven. Alsof ik onverhoopt een verkeerde zaal was binnengestapt en straks zou kunnen worden ontmaskerd als spionne. In een grijs verleden is praten ‘over’ doelgroepen die ik wilde helpen mij grondig afgeleerd. Het was in die socialistische tijd van jeugdig idealisme not done je als weldoenende hulpverlener op te stellen. Tegenwoordig is het in Hiv-land not done om het nog steeds over AIDS te hebben – althans, zolang het de Nederlandse situatie betreft. Dat verboden woord is die bewuste symposiummiddag welgeteld één keer gevallen. Maar dat was, net als het spontaan eruitgeflapte etiket ‘ouderwets’, betreffende mijn subjectieve beleving als deelnemend doelgroeper, vast een menselijke verspreking. Na het taboewoord voor hiv had er wat gemompel geklonken in de zaal, gevolgd door onderdrukt gegniffel – het betrof een vergissing van een spreekbuis van het UWV, dat verklaarde kennelijk genoeg. Ook als medemens zonder hiv moet je, om standvastig op je stoel te kunnen blijven zitten, gewoon wat eelt op je ziel ontwikkelen.

Wat ongetwijfeld geen verspreking is geweest maar waarvan het not done-gehalte bijna voelbaar in de zaal bleef hangen, was een opmerking van een mede doelgroeper en tevens panellid, over zijn persoonlijke praktijkervaring als sociaal betrokken werkgever. De ondernemende hiv+er zou het geen enkel klein- tot middelgroot bedrijf aanraden zich, uit welwillendheid, het risico van de financiële zwaarte van een chronisch zieke werknemer met het rugzakje van mogelijk langdurig ziekteverzuim op de hals te halen. Dit idealisme was niet realistisch, want niet gezond voor je kwetsbare bedrijf. De harde werkelijkheid is iets waarmee we het anno 2012 toch ook heus zullen moeten doen.

De Multidisciplinaire Richtlijn Hiv en Arbeid blijft in ontwikkeling. In samenwerking met de HVN komt er binnenkort ook een zelfzorgversie uit. Voor wie daar niet op kan wachten, hier alvast koppelingen naar de samenvatting plus de integrale richtlijn.

04

04 2012

Zonder condoom

door Marilou de Poorter

Ondertussen begin ik toch wat te twijfelen. Vraag ik me af of het wel standaard bij de sollicitatieprocedure hoort een werknemer voorafgaand aan een kennismakingsgesprek te googelen. Dat ik zelf nou die gewoonte heb wanneer ik wil weten wat voor vlees ik in de kuip heb, of – achteraf – welke vis ik dit keer aan de haak heb geslagen. En dat een bijdetijdse meid als Stine Jensen (38, literatuurwetenschapper / filosoof en auteur van ‘Echte vrienden’) oprecht meent dat googelen bij de noodzakelijke research hoort. Maar dat wil nog niet zeggen dat een middelgroot bedrijf in voedingsmiddelen met meer dan 50 werknemers, er ‘natuurlijk’ dezelfde gewoonte op nahoudt als wij. Want als ik het NIPO rapport over hiv op de werkvloer dat vorige maand werd gepubliceerd moet geloven, heeft één op de acht leidinggevenden er moeite mee om iemand met hiv aan te nemen. En ziet bijna de helft bovendien liever niet, dat iemand met hiv in de kantine werkt. Zodat ik me nu ernstig afvraag of ik met mijn recentelijk verworven bijbaantje op de brood- en kaasafdeling, dan soms op een positieve manier nog een keer de jackpot heb gewonnen.

Ook de gemiddelde consument van goederen en diensten en de gemiddelde collega, is kennelijk van mening dat een hiv-plusser bij een sollicitatie niet dezelfde rechten en plichten heeft als zij. Aldus de ijskoude cijferdouche. Recht op privacy zou bij iemand met hiv blijkbaar moeten vervallen en meldingsplicht – van je hiv – juist worden ingevoerd. Terwijl ongeveer hetzelfde percentage Nederlanders van mening is dat iemand die hiv-postief is getest, beter geen beroep kan uitoefenen waarin fysiek contact plaatsvindt. Dat is tenminste wat ik na vluchtige lezing uit het 15 pagina’s omvattende rapport opmaakte. Vluchtig, want ik heb nog meer te doen naast mijn baantje. Maar aangezien de gemiddelde Nederlander – bijna de helft van mijn medewerknemers en ongelooflijk veel werkgevers incluis – de updates over hiv-overdracht en andere actuele hiv-informatie in tijdschriften, brochures en dagbladen, afgaande op de recentelijke bevindingen van het NIPO óók alleen maar vluchtig door lijken te nemen, drukt die gemakzucht van mij, niet al te zwaar op m’n geweten. Dat mijn praktijkervaring de gevonden percentages tegenspreekt, maakt me daarentegen wel wat onzeker. Want sinds ik ‘Hiv op de werkvloer’ onder ogen kreeg knagen er toch twijfels aan mijn nochtans solide basis van zelfvertrouwen.

Misschien ben ik alleen maar aangenomen omdat mijn hiv-status niet tot in het directiekantoor was doorgedrongen. Ben ik weliswaar standaard gegoogeld, maar is automatisch aangenomen dat mijn vrijwilligerswerk voor de HVN altijd geheel belangeloos is geweest. Aangezien ik overduidelijk niet tot één van de bekende risicogroepen hoor. Omdat ik er veel te gezond uitzie – en te gewoontjes. Misschien word ik op mijn leeftijd wel geacht niet meer aan seks te daoen – laat staat aan seks zonder condoom. Die hele standaardvraag naar mogelijk op handen zijnde gezinsuitbreiding is me tenslotte ook nooit gesteld. Niet door mijn huidige werkgever en niet tijdens twee eerdere sollicitatiegesprekken. Wellicht is dit wel de hele clou van ieder sollicitatieverhaal: een werknemer die zich niet (meer) voortplant, neemt ook geen risico om hiv op te lopen! Afgaande op de nuchtere cijfers in dit toonaangevende onderzoek – en de financiële crisis daarbij meewegend – toch best een heel wel mogelijke gedachtegang. Want een mens kan in tijden als deze maar niet voorzichtig genoeg zijn.

Inmiddels heb ik de welkomstbrief van mijn allereerste pensioenregeling bij de post aangetroffen. Ook dit document heb ik alleen maar even snel doorgebladerd. Harde cijfers ben ik er nergens in tegengekomen, maar veel zal dat pensioentje van mij echt niet voorstellen. Eerder iets symbolisch. Want eens komt er een dag, dat ik net als ieder ander, heel gewoon, relaxt met pensioen ga.

07

06 2011

Hiv werkt?

door Marilou de Poorter

Voor de zekerheid had ik het toch maar even op internet opgezocht, voor ik op sollicitatiegesprek ging. Maar op positiefwerkt.nl stond het ook: er is met geen mogelijkheid een goede reden te bedenken om mijn hiv-status ter sprake te brengen bij een potentiële werkgever. Ik ben niet vaker ziek dan kandidaten zonder hiv en er bestaat niet zoiets als meldingsplicht. Alleen geheimhoudingsplicht is aan de orde. Dat wist ik natuurlijk ook wel. Maar op de een of andere tussen-de-oren manier, gaf het me toch een comfortabel steuntje in de rug het zo ‘zwart op wit’ op internet te lezen. Dat, en het Zwitserse standpunt in mijn achterhoofd. Want sinds artsen naar buiten durven brengen dat bij een structureel effectief onderdrukt hiv, het met de overdracht ervan zo’n vaart niet loopt, neem ik als hiv-plusser toch met veel meer zelfvertrouwen aan het maatschappelijk leven deel.

Mijn vriendin Tineke heeft zich door haar hiv sowieso nooit laten tegenhouden het werk te doen dat ze leuk vindt. Zo had ze achtereenvolgens oppasbaantjes, maakte ze huizen schoon, en viert ze binnenkort haar tienjarige vrijwilligersbestaan als kokkin in een sociaal eethuis. Door de bekende vetverplaatsingen kan een insider best aan haar zien dat ze waarschijnlijk hiv heeft. Toch weet maar één van haar collega’s wat Tineke’s gezondheidsprobleem precies inhoudt. Van haar eethuisgasten weet een aanzienlijk gedeelte waarschijnlijk niet eens hoe je hiv wel, en hoe je het pertinent niet op kunt lopen.

Hoewel Tineke er niet over zou liegen als ernaar gevraagd werd, hangt ze haar hiv-status liever niet aan de grote klok. Ik doe dat ook niet meer zo vanzelfsprekend als ik dat in het tijdperk vóór de afdoende werkende medicatie deed. Je belast mensen er namelijk vaak onnodig mee, heb ik gemerkt. Tineke houdt zich daarnaast wijselijk het recht voor niet op privévragen te hoeven antwoorden. Mijn cv wemelt daarentegen van de aanwijzingen dat hiv duidelijk bij mijn bestaan hoort. En wie me googelt, komt al snel tot de conclusie dat ik niet alleen ‘positief ben ingesteld’. Zodoende is het geen overbodige luxe om goed voorbereid op lastige vragen over hiv-overdrachtskansen, een sollicitatiegesprek in te gaan.

Na een nachtje stevig doorsurfen was er werkelijk geen potentiële vraag meer te bedenken waarop ik het antwoord schuldig moest blijven. Noch zou ik met mijn mond vol tanden staan, wanneer zou worden geïnformeerd naar mijn reactie op mogelijk discriminerende of beledigende opmerkingen van klanten. Alleen is tot op heden hiv hebben, hiv overdragen, of hiv wat dan ook, nog niet eens ter tafel gekomen. Laat staan dat mijn hiv-status de eerste kennismaking heeft kunnen kleuren. De oriënterende gesprekken met potentiële werkgevers in de horeca- en voedingsmiddelenbranche, verlopen tot nu toe zelfs best vlot. Alleen al mijn leeftijd indachtig, is dat een flinke meevaller. Alsof er geen vuiltje aan de lucht is, wordt heel gewoon over zaken als de bedrijfsfilosofie, werkzaamheden, werktijden, verdiensten en doorgroeimogelijkheden gesproken. Het lijkt wel of alleen ikzelf een probleem heb met hiv op de werkvloer.

Ondertussen houden de ins en de outs en de voors en de tegens van mijn ‘hiv-strategie’ bij sollicitaties me zo bezig, dat ik helemaal zou vergeten in spanning te zitten over het mogelijke bericht dat ik ergens aan de slag kan. ‘Het is niet de eindbestemming die telt, het is de weg ernaartoe’, hoorde ik laatst iemand een Oosterse wijze citeren. Maar doe er voor mij, als kers op de taart, dat leuke banketbakkersbaantje toch ook maar bij.

 

26

04 2011

Bring them to the table

De (1ste) internationale workshop over hiv bij vrouwen in Washington is achter de rug. Lees hier de verslagen.

Er was welgeteld één hiv+vrouw ter plekke om alle hiv+vrouwen waar ook ter wereld te vertegenwoordigen. Sari Margolese (actief bij o.a. AthenaNetwork) heeft van de organisatie geen helder argument gekregen waarom vrouwen met hiv zelf niet actief bij deze mogelijk belangrijke conferentie over effectieve hiv-behandeling zijn betrokken. Ook was zij ‘not amused’ over wat de titel van deze bijeenkomst suggereert: een eerste initiatief op het gebied van hiv bij vrouwen.

Al in 2006 beschreef Sari in tijdschrift POZ haar observaties over vergelijkbare miskleunen. Sari: “People talk a good game about involving people with HIV in this movement. ‘Bring the voices of affected communities to the table’, they say. ‘Bring everyone together.’ What a pile of crap!” Lees haar artikel hier verder.

20

01 2011

Personeel gevraagd

door Marilou de Poorter

Het moet anders. Het moet nu eindelijk afgelopen zijn met mijn eeuwige ‘het is goed vol te houden zo’. Ik wil een ander uitzicht en ik wil een ander bestaan”, had ik tegen mezelf gezegd tijdens een ontspannen etentje met uitzicht op de Rotterdamse havens. De volgende dag maakte ik meteen werk van mijn droom ooit ergens te zullen wonen waar je het geruststellende geluid van voorbij tuffende binnenvaartschepen hoort en in de verte uitkijkt op stoere hijskranen en imposante containerschepen. Daar wil ik mijn dagen slijten. Niet tussen bakstenen en beton. Inmiddels heb ik al twee ideale woningen aan mijn neus voorbij zien gaan, omdat ik niet was ingeloot. En heb ik er één laten schieten, omdat het balkon zich aan de verkeerde zijde van het gebouw bevond. Je keek er op een druk verkeerskruispunt in plaats van op de Maas. En o ja: op de galerij rook het naar iets zweetvoetenachtigs, niet naar stookolie en zilte zeemannen. Maar het begin is er.

Ondertussen heb ik ook al twee sollicitaties achter de rug. Het was even wennen dat solliciteren inmiddels digitaal gebeurt, maar nu omzeil ik wel mooi het nadeel van mijn onleesbare handschrift. Leve het digitale tijdperk! Ook nieuw voor me, is je hiv-gerelateerde werkervaring als pluspunt in een cv vermelden. Op zijn zachtst gezegd voelt het nogal onwennig dat ‘me de laatste jaren hoofdzakelijk inzetten op het gebied van hiv’ iets is geworden dat in een rijtje voordelen aan mij thuishoort, in plaats van de noodgedwongen nagel aan mijn doodskist te blijven, die het ooit was. Want als degelijk behandelde hiv-plusser kom ik niet meer per definitie en binnen afzienbare tijd, naar aan mijn einde. Noch vorm ik nog langer enig realistisch besmettingsrisico voor m’n hiv-vrije medemens. En dat verruimt mijn mogelijkheden als potentiële collega en werknemer toch aanzienlijk.

Zo solliciteerde ik onlangs bij een bakker van kwaliteitsbroden en bij een Italiaans specialiteitenrestaurant – ik ben nu eenmaal een lekkerbek. Als ik iets geleerd heb de afgelopen hiv-jaren, dan is het wel dat je er maar beter voor kunt zorgen dat je lol in je overlevingsstrategieën houdt, wil je het kunnen volhouden allemaal. Plezier hebben is geen luxe. Het is een basisvoorwaarde om dóór te kunnen gaan.

De eigenaar van het restaurant met aan één kant van het menubord buiten ’personeel gevraagd’, had aanvankelijk niet begrijpend op mijn enthousiast introductie gereageerd. Zijn ‘voor wie het dan was’ moeten beantwoorden met ‘nou, gewoon, voor mezelf’, was best even slikken. Uiteindelijk mocht ik mijn telefoonnummer toch tussen die van de andere kandidaten opschrijven, maar er had nog geen bemoedigend lachje afgekund. Die nieuwe vestiging van de heerlijke broden bakker is inmiddels geopend. Met al die jonge meiden achter de toonbank  draait de zaak werkelijk uitstekend. En de strakke inrichting van het restaurant waar ik laatst binnen stapte voor een open sollicitatie beloofde dan wel topkwaliteit in de keuken, maar van het functionele zelfbedieningsconcept werd ik bij voorbaat al enigszins ongelukkig.

Misschien is dat ook wel de bottom line. Ik weet veel te goed wat ik wel en wat ik niet wil. Voor concessies ben ik geloof ik – bij gratie van de medicatie – toch te oud geworden. Voor de meeste werkgevers ben ik sowieso kennelijk te oud. Hoewel ik van mijn lijf vooralsnog geen signalen kreeg dat ik de negentig niet ‘gewoon’ zou kunnen halen. Integendeel. Want of het nu komt doordat ik begonnen ben wat met yoga te improviseren of doordat er nog maar weinig deprimerend nieuws binnendruppelt, sinds ik de kabel heb opgezegd; of dat het te maken heeft met een exotisch ingrediënt in mijn nieuwe vitaminepillen of juist aan de veranderde vorm van de ritonavir ligt: ik zit, alle ouderdomsrimpels ten spijt, alleen maar steeds beter in mijn vel. En dat is maar goed ook. Mijn levenslust laat ik door niets en niemand dwarsbomen, afnemen, noch verzieken. Want dat kan nooit de bedoeling zijn van de ‘geleende tijd’ waarin ik leef. Leef, liefheb en zo meteen lekker uitgebreid ga lunchen in een prima Italiaans specialiteitenrestaurant!

In juni is in Geneve de nieuwe ILO arbeidsstandaard op het gebied van hiv aangenomen. Deze arbeidsstandaard vraagt specifiek aandacht voor o.a. informatievoorziening, deskundigheidsbevordering, sociale dialoog, hygiëne en veiligheidsmaatregelen en de positie van de werknemers met hiv. Aanbevelingen moeten de komende jaren ook in Nederland worden geïmplementeerd in wet-en regelgeving en door de verantwoordelijke instanties worden uitgevoerd. Tevens moet er regulier door de Nederlandse Overheid over de voortgang worden gerapporteerd. De arbeidsstandaard heeft de positie van de werknemer met hiv versterkt, maar dit zal in de praktijk ook moeten worden uitgevoerd. Momenteel lopen nog veel werknemers met hiv tegen problemen aan vanwege hun hiv-status. Als centrale plek voor werken en hiv kan de binnenkort online zijnde site www.positiefwerkt.nl hierbij een belangrijke rol spelen. Voor zowel sociale partners en andere betrokkenen, maar juist ook voor sollicitanten en werknemers met hiv.

bron: HVN

18

11 2010

Because I am a girl, I must study

by Kamla Bhasin 

A father asks his daughter:
Study? Why should you study?
I have sons aplenty who can study
Girl, why should you study?

A father asks his daughter:
Study? Why should you study?
I have sons aplenty who can study
Girl, why should you study?

The daughter tells her father:
Since you ask, here’s why I must study.
Because I am a girl, I must study. 

Long denied this right, I must study
For my dreams to take flight, I must study
Knowledge brings new light, so I must study
For the battles I must fight, I must study
Because I am a girl, I must study. 

To avoid destitution, I must study
To win independence, I must study
To fight frustration, I must study
To find inspiration, I must study
Because I am a girl, I must study. 

To fight men’s violence, I must study
To end my silence, I must study
To challenge patriarchy I must study
To demolish all hierarchy, I must study.
Because I am a girl, I must study. 

To mould a faith I can trust, I must study
To make laws that are just, I must study
To sweep centuries of dust, I must study
To challenge what I must, I must study
Because I am a girl, I must study. 

To know right from wrong, I must study.
To find a voice that is strong, I must study
To write feminist songs I must study
To make a world where girls belong, I must study.
Because I am a girl, I must study.

bron: http://pambazuka.org/en/category/African_Writers/67123

Tags: ,

Positief leert

gids voor gezinnen

De dit jaar verschenen nieuwe gids ‘Positief leert’ wil stigmatisering en discriminatie van hiv+scholieren en -studenten tegengaan en wegnemen. De uitgave doet dit door kort door de bocht aannames over ondermeer overdrachtsrisico’s,  met recente en kloppende informatie te ontkrachten. Heersende misvattingen duidelijk te benoemen en onderbouwd tegen te spreken. Een helder boekje over de feiten en de fabels. Waarvan iedere gezin met hiv er minimaal twee op voorraad zou moeten hebben om weg te kunnen geven aan bezorgde ouders van vriendjes en vriendinnetjes. En twee op zak zou moeten dragen om weg te kunnen geven in de kantine van de voetbalclub of in de pauze van de jaarlijkse baletuitvoering. En waarvan je er één in de kast zou moeten hebben staan. Als stevige steun in de rug en praktisch naslagwerkje.

POSITIEF leert is te bestellen bij het Servicepunt. Telefonisch bereikbaar op 020-6892577. Je kunt je bestelling ook mailen naar servicepunt@hivnet.org of hier de gids (in pdf) downloaden.

08

07 2010

Indiase hiv-snacks

Share food to remove HIV stigma, say HIV awareness campaigners

In an attempt to spread awareness about HIV-AIDS, members of ‘Aadhar’, a NGO are selling packets of snacks prepared by HIV- infected people in Ahmedabad. The organization has taken up the cause of removing the stigma and misconceptions attached to HIV from the minds of people.

 As a part of a ten-day campaign, many HIV-positive women have come out on the roads, distributing pamphlets and selling snacks prepared and packed by them.Varsha, an HIV-infected said the campaign intended to remove misconceptions related HIV.

 
 

Only when an HIV infected person says that he is HIV positive, one can know that he is HIV positive, otherwise no one can know. Therefore, HIV virus does not spread by if you share food. This is what we are trying to tell people and remove the stigma,” said Varsha.

The members of the organisation believe that the stigma is deeply entrenched in the minds of the people and it is not easy to remove it in one go. Ravji Parmar, a customer, said was thoroughly convinced that HIV does not spread by sharing food with people.

“Even I had the same misconception, but after listening to the people here and tasting the snacks made by them I have realised that it does not spread by sharing food”, said Parmar.

From awareness programmes to road shows, Aadhar is leaving no stone unturned to let people know that HIV-positive people are equally a part of the society.

India has the world’s third biggest caseload of people living with the HIV. (ANI)

bron: http://bit.ly/b3GHRV

28

06 2010

Make a difference

Yoell (‘you will’) is de merknaam van een unieke sieradenlijn, die door hiv-positieve vrouwen in Zuid-Afrika eigenhandig wordt gemaakt. Vrouwen met hiv worden in dit deel van de wereld maar al te vaak verstoten uit hun familie en leefgemeenschap. Door het vervaardigen van Yoell sieraden verdienen deze sisters genoeg om zichzelf en hun gezinnen te kunnen onderhouden. Door met hiv ‘gewoon’ door te leven, te werken, kinderen op te voeden en gezonde kinderen ter wereld te brengen, zijn zij in de township bovendien hét voorbeeld van waarachtig women empowerment.

“When purchasing this beautiful piece of jewelry, made by HIV infected women in my country, you support the ‘mother and child first’ program of MKI in their endeavor to prevent the transmission of HIV (and with it AIDS) from mother to child.”  – Desmond Tutu –

http://www.yoell.org/html/index.php?page_id=128

11

02 2010