Nooit ziek
Natuurlijk overkomt het jou niet. Trouwens: je vriend ziet er kerngezond uit en jij bent ook niet op je achterhoofd gevallen. In the heat of the moment een keer zonder condoom moet kunnen, toch? Een persoonlijk verslag van ‘D-day’ voor Laïla. Over de dag waarop alles veranderde.
door: Laïla
Ik sta te wachten voor de deur van de organisatie waar ik werk. Mijn vriend is net bij de internist geweest en wil me spreken. Hij heeft al een tijdje last van een hardnekkig plekje, dat maar niet wil helen. Eerder dan ik heb ingeschat staat hij voor mijn neus. Eerlijk gezegd gaat wat hij vertelt een beetje langs me heen. Ik hoor hem wel zeggen dat hij eerst bij de huisarts is geweest en dat deze hem had doorverwezen naar een dermatoloog. Maar pas als hij me vertelt dat de dermatoloog hem weer had doorgestuurd naar een internist, begint er bij mij een alarmbel te rinkelen.
Dat belletje blijft aanhouden als mijn vriend me vervolgens vertelt, dat de dermatoloog terloops iets had gemeld over afwijkingen in zijn bloed. Bloed, afwijkingen, internist? Dat diezelfde afwijkingen kennelijk bij mensen met hiv wel vaker gezien worden, maakt dat het rinkelen overgaat in een aanhoudende kakofonie. Wat gebeurt hier? Dit kan niet waar zijn! Alleen een hiv-test kon hierop echt antwoord geven.
De dagen voordat mijn vriend werd getest, wist ik diep in mijn hart dat deze voortekenen slecht, zeer slecht nieuws betekenden. Ik wilde ergens hoop uit putten en bad tot Allah om dit aan ons voorbij te laten gaan. Niet dit, geen hiv, dat overleef ik niet!
Het was een heel normale lentedag, toen ik bij het ziekenhuis stond te wachten tot mijn vriend met de uitslag naar buiten kwam. In gedachten analyseerde ik zijn telefoontje van even daarvoor: gaf iets in zijn stem misschien een aanwijzing? Maar als hij komt aanlopen zie ik het direct aan zijn gezicht. Dan komt het hoge woord eruit: ‘Sorry lieverd….. ik heb slecht nieuws…..ik heb hiv……’
BAM!!!!!!! Tegelijk besef ik dat ik al die tijd wel al aanvoelde dat er iets niet goed was. Dat mijn vriend de laatste winter erg ziek was, terwijl hij toch een stevige en sterke kerel is, had me best zorgen gebaard. Maar op hiv had ik absoluut niet gerekend. ‘Ik wil mij direct ook testen’ zeg ik. Dat kon. De consulent had gezegd dat ik meteen mocht komen.
We haalden de formulieren bij haar op en ik ging naar het lab. De jongen die mij moest prikken keek onderzoekend op het formulier, controleerde mijn naam en vroeg me verder alleen nog in welke arm ik geprikt wilde worden. Maakt niet uit, dacht ik bij mezelf. Doe maar wat. Ik voelde me verdoofd en zag mezelf mijn linkerarm naar hem uitsteken. Als hij even later de pleister aandrukt, kijkt hij me lief aan en zegt: ‘Heel veel succes, ik hoop op een goede uitkomst voor je’.
Maar het is te laat, weet ik. In sneltreinvaart had ik de afgelopen jaren met mijn vriend de revue laten passeren. Net aan het begin van onze relatie, verblind van de liefde voor elkaar en met de arrogante gedachte van dat wij heus geen hiv hebben, was er een moment geweest dat we onvoorzichtig waren geweest met condooms. Een maand later was ik ineens doodziek geworden. Mijn lieverd moest mij ‘s nachts omkleden omdat ik het bed uit dreef. Ik begreep daar toen niets van. Ik ben nooit ziek en zeker niet zo ziek dat ik koorts krijg! Nu kan ik het wel plaatsen: Het hiv-virus heeft destijds in mij een goede gastheer gevonden. En tiert nu welig in mijn lichaam rond.
Op een andere heel gewone dag, zit ik tegenover de internist in zijn spreekkamer. Een vriendelijke man die veel hiv-patiënten voorbij heeft zien komen. Hij kijkt me meelevend aan en weer hoor ik die vreselijke woorden: ‘Het spijt me, ik heb slecht nieuws voor je’. Ik kijk hem aan en knik alleen maar. ‘Ik wist het al’, weet ik nog net te fluisteren voor de tranen het overnemen.
De internist zegt bemoedigend: ‘Je bent niet de enige. Ik zie meer Marokkanen met hiv binnen mijn praktijk.’ Zijn woorden zijn bedoeld als troost, maar niets kan mij op dat moment nog troosten. Mijn hele leven ligt aan diggelen. Game over!
Direct na het vervolggesprek met de consulent ben ik naar mijn moeder gegaan. Dat ik hiv heb is iets wat ik haar nooit zal vertellen. Maar bij haar zijn, bood mij nog enigszins troost. In mijn ouderlijk huis op de bank liggend denk ik alleen nog maar: Mama, ik ga dood mama.
Benieuwd naar hoe het nu met Laïla is? Reacties op dit item zullen haar ongetwijfeld inspireren tot een nieuwe post!