De normalisering van het risico - Martijn Verbrugge lezing op Wereld Aids Dag 2006
- Gegevens
- 04 december 2006
Auteur: Jelle Houtsma
Hiv is aan het normaliseren
Afgelopen vrijdag heb ik de eerste exemplaren van "Positief werkt' mogen uitreiken. 'Positief werkt' is een gids over hiv op de werkvloer. Met een duidelijke boodschap: hiv is geen belemmering meer om te werken. De belemmering zit in de vooroordelen en het gebrek aan commitment om werken met hiv mogelijk te maken.
Enkele weken geleden hebben de leden van de Hiv Vereniging een startnotitie besproken over 'seksuele gezondheid van hiv positieven'. Deze notitie getuigt van een frisse én gezonde visie op een toekomst van seksualiteit van mensen met hiv. Die toekomst zal normaliseren en kansen geven op een verbetering van een seksueel gezond leven met hiv. Een toekomst die nu al begint.
Hiv normaliseert. En dat is positief, want geeft kansen.
Hiv normaliseert in Nederland, hoewel niet voor iedereen in gelijke mate. Migrantengemeenschappen in Nederland ervaren dat veel minder dan de homogemeenschap. Of ervaren dat zelfs geheel niet. Daarom komen wij voor hen met factsheets in vier talen over toegang tot zorg en het aanvragen van een verblijfsvergunning. En hiv is nog lang niet normaal in gezinnen met kinderen, op de werkvloer, of op scholen.
En toch, hiv normaliseert. De medische ontwikkeling geeft mij, en vele anderen met hiv, de mogelijkheid om door te gaan met een actief leven. Om door te gaan met een actief seksueel leven. Wel hiv, geen aids, weinig klachten.
Dames en heren, eigenlijk toch wel een mooi begin van deze lezing.
Risicobesef
Niet alleen hiv normaliseert, ook het risico normaliseert. Het risico van overdracht van hiv weten we inmiddels zelfs met medische ontwikkelingen terug te dringen. Een voorbeeld daarvan is dat een lagere viral load de kans op overdracht doet afnemen. Dat is een ontwikkeling waar iedereen blij mee is. En een ontwikkeling die niet snel genoeg kan gaan. We zitten vol ongeduld te wachten op de ontwikkeling van microbiciden.
De schrik voor hiv is plaats aan het maken voor een risicobesef dat ook ruimte geeft voor de ontwikkeling van risico reductie strategieën zoals serosorteren. Kansen voor seksuele relaties waarbij -onder voorwaarden- sprake is van onbeschermde seks die veilig is. De normalisering van het risico zie je ook terug in de preventie. Veilig vrijen blijft de boodschap, maar een éénduidige boodschap voor iedereen is steeds minder houdbaar. Hoewel: openheid over seks en serostatus lijkt een nieuwe éénduidige boodschap te worden. Een nieuwe en welkome norm in de preventie.
Debat
Hiv normaliseert, en dat zal de komende jaren zeker doorgaan. Maar betekent dat "join the club"? Dat is een gevaar dat op de loer ligt. Want met het normaliseren van het risico van hiv, is er een tendens op gang gekomen die bedenkelijk is: de afname van verantwoordelijkheid om hiv en soa's niet te krijgen. En bij 'krijgen' zit ook 'door te geven'. Bewust of onbewust. Even wat scherper neerzetten: de afname van de wil om hiv niét te krijgen.
Ik ga die kant van de normalisering van het risico bespreken aan de hand van een kleine groep seksueel actieve homomannen. Ik leg bij wijze van spreke een vergrootglas op deze groep. Niet omdat ik ze wil verketteren, maar wel omdat in een kleine groep homomannen te zien is wat de negatieve effecten van normalisatie van hiv met zich mee kan brengen. En daarvoor ga ik die groep uitvergroten. Ik doe dat omdat ik meen dat het tijd is voor een debat. Een debat dat zéker in de homobeweging moet worden gevoerd. Maar waaraan ook u, professionals uit de wereld van hiv en aids, moet meedoen. Vandaar dat ik het hier doe; op Wereld Aids Dag. Ten overstaan van u, de professionals.
En, nee, het is niet het standpunt van de Hiv Vereniging Nederland. Het is de persoonlijke bijdrage van mij aan het debat.
Hiv hoort bij homoseks. Dat is iets dat de afgelopen 25 jaar misschien niet altijd zo gezegd is, maar in de praktijk natuurlijk wel zo was en is. Seksuele voorlichting onder homomannen gaat al jaren standaard vergezeld van voorlichting over veilig vrijen. Omdat het voorkomen van een hiv infectie vooral bij homomannen een permanente preventieve inspanning vraagt.
Hiv hoort bij homoseks. En soa's horen bij homoseks. Maar daar hoort iets bij: het voorkomen van hiv en soa's. Het willen voorkomen en het moeten voorkomen. En dáár gaat iets fout. Iets fout bij een kleine groep homomannen. Een kleine groep, maar ik zie die groep groeien. En ook dàt is een risico. Je kunt steggelen over cijfers. Steggelen over de grootte van deze groep die een risico is. Steggelen over de nieuwste hiv-cijfers. Maar één ding kunnen we vaststellen. Hiv en Soa's zijn al jaren aanwezig in de homoscene. Een afname is nog niet begonnen. Ondanks de preventieboodschappen. En niemand kan mij wijs maken dat er geen relatie is tussen de afname van de 'wil tot voorkomen' en het uitblijven van die afname van het aantal soa's en hiv.
In België noemen ze hun nieuwste Belgische soa en hiv cijfers "gruwelijke cijfers". Zij spreken over een structureel en toenemend probleem bij homomannen. Zij leggen onomwonden de verantwoordelijkheid hiervoor bij veranderingen in de homoseksuele cultuur, waaronder het daten via internet, naast het door mij ook beschreven risico van de normalisering. Zij noemen dat "het vriendelijkere imago van aids".
De normalisering van het risico. Het lijkt te betekenen dat je het risico niet meer hoeft te vermijden. Maar er is meer aan de hand. Het lijkt te leiden tot een gedeelde opvatting dat je dat risico niet meer hoeft te vermijden.
Veilig?
Ik ga dit even beeldend maken. In darkrooms en sauna's in Amsterdam hangen bordjes met de mededeling dat onveilige seks niet getolereerd wordt. U zult daar met eigen ogen kunnen zien wat ik heb mogen aanschouwen: iemand die zich onbeschermd laat neuken terwijl hij pal onder dat bordje staat. Vaak staan er mannen omheen, zich afrukkend bij het tafereel. En niemand die het 'niet tolereert'.
"In deze darkroom wordt onveilige seks niet getolereerd". Wat onveilige seks is, is niet duidelijk, hoe dat 'niet tolereren' er uit ziet ook niet.
Ik heb een darkroom-eigenaar wel eens gevraagd waarom hij niet wat duidelijker is. Hij wil immers dat er veilig wordt gevreeën. Waarom niet gewoon de tekst:" Het gebruik van condooms is bij alle seksuele handelingen verplicht". Dat wilde hij niet. Vroeger misschien nog wel. Vroeger toen je nog dood ging aan hiv. Maar nu? Het is wat hem betreft de verantwoordelijkheid van zijn klanten. En…….., veel klanten zouden dan bij hem wegblijven. Als die eigenaar onveilige seks onmogelijk maakt, dan ga je naar een darkroom waar het wel kan.
Voor de duidelijkheid: de overgrote groep van homomannen zet altijd alle zeilen bij om veilig te vrijen, en dat lukt ze ook. Altijd of vrijwel altijd. Maar een groeiende groep homomannen verzet de bakens richting onveilige seks.
Op datingsites ontmoet je in toenemende mate mannen die aangeven dat ze weten dat ze ooit een keer hiv zullen krijgen. "Weten" moet u overigens opvatten als 'accepteren'. Waarbij ze opmerken dat ze er vertrouwen in hebben dat het weinig zal veranderen in hun leven. Eerlijk is eerlijk. Met hiv kan je prima leven. Ik draag dat beeld ook uit. Maar als ik het kon inruilen, zou ik het doen. En…..., resultaten behaald in het verleden bieden geen garantie voor de toekomst. Wel vrij zekere verwachtingen, maar dat is nog geen keiharde garantie.
Verantwoordelijkheid en communicatie
In een gedeelte van de homowereld spelen nog meer waarheden een rol. Internet en partydrugs. En misschien ook wel een verknipte kijk op seks en intimiteit. Huisje boompje beestje is iets voor saaie hetero's en duffe homo's. Die homowereld is -voor wat betreft het gedeelte waar de hiv- en soa-preventie het meeste werk te verrichten heeft- ook een wereld van een grote, in ieder geval toenemende, onverschilligheid. Of misschien beter gezegd: gelatenheid.
Omdat je met hiv prima kan doorleven, kan je met hiv ook prima doorseksen. Een opvatting die juist is, als er een goede keuze wordt gemaakt als het gaat om verantwoordelijkheid en open en eerlijke communicatie. En of die keuze in voldoende mate gemaakt wordt, daar heb ik zo mijn twijfels over. Ik formuleer het maar voorzichtig.
Voorzichtig, want bij die verantwoordelijkheid zitten grote emoties die altijd weer leiden tot heftige debatten. Ook na deze lezing zal vermoedelijk het verwijt klinken dat er onterecht gefocust wordt op een kleine groep in de homowereld: het verwijt van demonisering van homo's en hun gedrag, verwijt over moralistisch gezever en het aantasten van verworvenheden.
Ik hoor nu al de kritiek op het voorbeeld van de darkrooms: hoe weet jij zo zeker dat het onveilig was? Misschien waren ze beiden wel negatief, partners van elkaar, waren ze aan het serosorteren, etc. . Die bullshit kan verkondigd worden zolang niemand er op afstapt en zegt: "waar zijn jullie mee bezig". Die bullshit kan verkondigd worden omdat de 'veilig-vrijen-boodschap' in zo'n darkroom veel te veel ruimte laat voor het ontwijken van verantwoordelijkheid.
Als die kritiek klinkt, dan is mijn boodschap niet goed verstaan. Het gaat niet om de homoscene, haar seksuele mogelijkheden of andere verworvenheden, maar het gaat om de constatering dat soa's en hiv in een steeds groter deel van de homoscene gelaten geaccepteerd worden. We zijn aidsmoe. Dat is geen verworvenheid om trots op te zijn.
Oproep
De boodschap van mij is dat deze vaststelling voldoende moet zijn om te zeggen: het roer gaat om. Met een debat over de vraag 'welke consequenties willen we, kunnen we en vooral gaan we hier daadwerkelijk aan verbinden'.
Dat is dan ook gelijk mijn reden voor deze lezing, voor de oproep tot debat. U, ik en homobelangenbehartigers zullen samen dat debat moeten starten. Want het roer moet om. En dat moeten we zelf doen. Als voorbeeld waarom er iets moet veranderen, wijs ik maar naar de Schorer-Monitor. Het aantal mannen dat zich laat testen op hiv groeit, maar die groei gaat nog veel te traag. En dat is niet genoeg. Daar mág je niet tevreden mee zijn.
Maar ik zie ook dat een groeiende groep homomannen een andere keuze maakt. De keuze vóór seksconsumentisme, waarbij het 'voorkomen van' ondergeschikt is gemaakt aan "we weten dat het niet goed is, maar het is zo lekker". En daarmee een keuze tégen het aanvaarden van gezamenlijke én individuele verantwoordelijkheid.
Er is, naast die keuze nog iets aan de hand: ik meen te zien dat dat 'ondergeschikt gemaakt aan iets anders' te herkennen is als 'normalisatie van onverschilligheid ten aanzien van risico's'. Als : "Shit happens, en wat dan nog" En daarachter ligt een nóg groter probleem: er lijkt daarmee tegelijk sprake van een seksualisering van onverschilligheid. Oftewel: "het zal toch wel gebeuren, dus laten we er maar van genieten".
Gelatenheid bij homomannen, óók jonge homomannen. Gelatenheid die zich uit in het zich niet meer verzetten tegen het krijgen van hiv of soa's. Door de keuze te maken om zonder beschermende maatregelen een seksuele levensstijl te hebben die vroeg of laat fout moet gaan. En ja, er zijn dus jongens die op het internet schrijven dat ze via een lekkere vent best wel hiv willen oplopen, omdat ze het toch wel krijgen. Dat is geen virtuele fantasie, dat is praktijk die -ook in mijn eigen vriendenkring- gebeurt. Zoals de Belgen zeggen: "gruwelijk". En nee, kom me niet aan met het argument dat het uitsluitend virtuele geilheid is. Dat is een ontkenning van een nieuwe werkelijkheid, die zichtbaar is. Niet alleen in de soa- en hivcijfers.
Gaan we daar wat aan doen of laten we het bij "we balen als een stekker". Onze verontrusting over de toename van hiv en soa's spreken we weliswaar uit, maar tegelijk bereiden we ons elk jaar weer voor op nog hogere cijfers. De hoeveelheid infecties moet omlaag, maar we durven niet het commitment uit te spreken dat we linksom of rechtsom zorgen dat normalisatie van risico leidt tot toename van verantwoordelijkheid en afname van nieuwe infecties. Dat ligt mede aan de omzichtige manier waarop we menen om te moeten gaan met de 'verworven seksuele vrijheden van homo's. Die omzichtigheid is niet nodig én ongewenst. Zelfs zonder debat kunnen homobeweging en preventie toch uitdragen dat het gemakzuchtige denken over soa's en hiv bij een deel van de eigen achterban niets met de verworvenheden van de homo-emancipatie te maken heeft.
Wat is de norm
Ik geloof in preventie. Sterker; ik ben er van overtuigd dat preventie en belangenbehartiging niet zonder elkaar kunnen. Preventie en belangenbehartiging van mensen met hiv en daarmee de homomannen met hiv, maar ook preventie en belangenbehartiging van homoseksuelen in het algemeen. Wij hebben één gemeenschappelijk doel: onze mensen gezond houden. Dat is onze gedeelde morele opvatting. Althans, dat zou het moeten zijn.
Laten we op basis van dit alles vaststellen dat binnen de homowereld dezelfde gouden regel zou moeten gelden zoals die ook in de postmoderne maatschappij geldt: je houdt jezelf gezond, je houdt de ander gezond, we houden elkaar gezond. Oftewel: we nemen verantwoordelijkheid voor gezondheid in het lijf, in de geest, en in de opvattingen.
Een homowereld die veel te weinig energie steekt in het openbreken van het stilzwijgen over hivstatus is een homobeweging die zijn eigen achterban niet serieus neemt. Een homowereld, die het achter je pik aanlopen verkoopt als homoseksuele bevrijding, neemt zichzelf niet serieus. Een homobeweging, die gezondheidsverpestend gedrag in stand houdt op basis van angst voor de eigen achterban of vanwege commerciële belangen in de eigen achterban, zo'n homobeweging laadt de verdenking van hedonisme op zich. Het is een normstelling die ik nu wél zie, en die volgens mij niemand dient.
Over normstelling gesproken. In Frankrijk is vanuit preventie-opvattingen onlangs besloten om barebackfilms van de publieke tv zenders te bannen. In Nederland zouden alle seksueel actieve homomannen zich jaarlijks op hiv moeten laten testen. Dat is een nieuwe norm van ons die de homogemeenschap in moet. Daarvoor is het nodig om het beeld van de hivtest als 'iets bijzonders' af te breken. En daarmee ook een norm op te bouwen dat het weglopen van je jaarlijkse hivtest 'not done' is. Maar ook door het invoeren van de hivtest bij iedere soa-check. Ook dat kan onderdeel zijn van de nieuwe normstelling en daarmee van de normalisatie van het risico. De test is niet het probleem, het krijgen van hiv is het probleem. En voor degene die een hivtest desondanks niet wil…. Die krijgt de mogelijkheid van opting out. Post moderne keuzevrijheid.
Uiteindelijk gaat het er natuurlijk om of we met z'n allen in de Nederlandse homowereld een moraal willen formuleren en handhaven waarin helderheid is over wat norm is en wat niet norm is. Datgene wat niet de norm is, zal zeker blijven, maar het is wel afwijkend. Zonder dat committent zal de preventie in toenemende mate te maken krijgen met de opvatting dat het risico van hiv en soa's normaal is geworden. Normaal genoeg om geen enkele reden meer te zien om ons seksuele gedrag veilig te houden of te maken.
Twee onderwerpen voor debat
Dames en heren, tot slot. Ik heb met een vergrootglas een kleine, maar groeiende groep uitgelicht. Omdat ik meen dat daarmee de zorgelijke ontwikkelingen te zien zijn als het gaat om de normalisering van het risico dat aan hiv kleeft. Over het gevaar dat de 'normalisering van het risico' een ongewenste richting uitgaat.
Een ontwikkeling die wat mij betreft aanleiding moet zijn voor een debat met twee onderwerpen.
Ten eerste: een debat over herijking van de moraliteit in de homobeweging als het gaat om seks, seksuele gezondheid en verantwoordelijkheid. Met een uitkomst die richting geeft aan de juiste ontwikkeling van de normalisering van het risico in de homoscene. En daarmee een sterke basis is voor de preventie. Preventie die noodzakelijk is……..én blijft.
Ten tweede: een nieuw commitment in de homoscene als het gaat om het daadwerkelijk, en zéér fors, terugdringen van het aantal soa's en hiv-infecties. Niet meer en niet minder.
Ik dank u wel.
Deze lezing heeft per brief een reactie opgeleverd van Fred Verduld. Lees hier zijn reactie.
Contact
Regio Groningen, Friesland, Drenthe
050 - 313 22 90

