I Woordenlijst

A  B  C  D  E  F  G  H  I  J  K  L  M  N
O  P  Q  R  S  T  U  V  W  X  Y  Z  0-9

 

II
Integrase inhibitor = integraseremmer

IL-2
Interleukine 2. Zie: interleukine.

IM
Intramusculair.

immunologisch falen
Zie: therapiefalen.

immunologische markers
Zie: biologische markers.

immuunsysteem
Het afweersysteem van het lichaam tegen lichaamsvreemde stoffen (antigenen). Het immuunsysteem bestaat uit meerdere takken:

  • Cellulaire afweer: het deel van het immuunsysteem dat door ziekteverwekkers geïnfecteerde cellen herkent en kan opruimen. Hiertoe behoren de CD8-cellen (CTL's), macrofagen en monocyten.
  • Humorale afweer valt de ziekteverwekker aan via antistoffen.
  • Naast cellulaire en humorale immuniteit wordt soms ook de mucosale immuniteit genoemd: de afweer van de slijmvliezen. De mucosale afweer is de lokale afweer aan de 'buitenkant' van het lichaam en is zowel cellulair als humoraal.
    Bij de afweer tegen hiv spelen ook chemokines een rol, door cellen te beschermen tegen hiv-infectie. Cytokines (waaronder ook chemokines) zijn de boodschapperstoffen van het immuunsysteem.

  • Intelence

    De niet-nucleoside etravirine 

    Intent to treat (ITT)
    Zie bij: on treatment (OT)

    in vitro
    In reageerbuis(onderzoek).

    in vivo
    In (onderzoek bij) dieren of mensen.

    incidentie
    Zie bij prevalentie.

    inclusiecriteria
    Voorwaarden wanneer iemand wel mag meedoen aan een trial. In feite het omgekeerde van exclusiecriteria. In een trial waar eerder gebruik van proteaseremmers een inclusiecriterium is, mag je wel meedoen als je al een proteaseremmer gebruikt.

    indinavir
    Een hiv-remmer.

    inductietherapie
    Eerste behandeling met meer middelen en/of een hogere doseringen. Deze behandeling wordt gevolgd door een onderhoudsbehandeling met minder middelen of lagere doseringen.
    Inductietherapie gevolgd door een onderhoudsbehandeling wordt toegepast bij de behandeling van CMV-netvliesontsteking.
    Een dergelijke behandelingsstrategie wordt ook onderzocht met hiv-remmers, totnogtoe met weinig succes.
    Een ander woord voor onderhoudsbehandeling is maintenance therapie.

    informed consent
    Verklaring van een trialdeelnemer waarin hij meldt toe te stemmen om aan een trial deel te nemen en voldoende informatie over de trial (over de voor- en nadelen van deelname) te hebben gekregen.
    Informed consent is niet alleen praktijk bij trials. Ook voor het ondergaan van een hiv-test is het geven van informed consent noodzakelijk.

    insertie
    Zie: codon.

    insluipschema
    dosisopbouw.

    insomnia
    Slapeloosheid

    isosporiase
    Infectie door Isospora belli of I. hominis. Kan diarree, buikkramp veroorzaken.  Opportunistische infectie. Als een hiv-positieve langer dan een maand deze darmziekte heeft, krijgt hij de aidsdiagnose.  

    integrase, integraseremmer
    Integrase is een enzym van hiv dat helpt bij het inbouwen van het genetisch materiaal van hiv (DNA) in het genetisch materiaal van de cel.
    Een goede integraseremmer remt dit proces. Meer

    inter-
    Het voorvoegsel 'inter-' betekent 'tussen'. Denk aan interland: een wedstrijd tussen twee landen.

    interactie
    Sommige middelen kun je beter niet met elkaar combineren omdat ze interacties geven, ongewenste wisselwerkingen. Meestal zorgt het ene middel dat de bloedspiegel van het andere middel wordt verhoogd of verlaagd. Dit kan leiden tot ernstige bijwerkingen maar ook tot te weinig werkzaamheid van één van de middelen.
    Bij geneesmiddelen waartussen interacties bestaan kan het probleem vaak goed opgelost worden door de dosis van één van de middelen aan te passen. Soms zijn de interacties zo ernstig dat de middelen niet samen gebruikt mogen worden. In dat geval is er sprake van een contra-indicatie.

    interferon
    Cytokines met onder andere werking tegen virale infecties of tumoren. Er zijn drie belangrijke soorten interferon: interferon alfa, bèta en gamma.
    Interferon alfa wordt toegepast bij de behandeling van hepatitis B en C en van KS en is ook actief tegen hiv.

    interleukine (IL)
    Bepaald soort cytokines.
    Bij de behandeling van hiv wordt onderzocht of injecties met IL-2 (interleukine 2) een gunstig effect hebben. IL-2 activeert CD4-cellen en zet ze zo aan tot celdeling, waardoor de het aantal CD4-cellen toeneemt.
    Door toename van het aantal CD4-cellen zou de afweer versterkt worden. Omdat geactiveerde cellen bevattelijker zijn voor hiv-infectie, bestaat in theorie het gevaar dat de viral load stijgt. Wanneer het hiv door combinatietherapie krachtig geremd wordt hoeft dat niet het geval te zijn. Uit onderzoek is gebleken dat IL-2 bij hiv-posititieven niet effectief is. De extra CD4-cellen wegen niet op tegen de bijwerkingen.

    intra-
    Het voorvoegsel 'intra' betekent 'binnen' of 'in'. Intraveneus: (injectie) in de bloedbaan.

    intramusculair (IM)
    Een injectie in de spieren. Wordt vaak afgekort tot IM.

    intraveneus (IV)
    Toegediend in de bloedbaan. Sommige intraveneuze behandelingen worden via injecties (prikken) toegediend, andere via een infuus. Wordt vaak afgekort tot IV.

    Invirase
    Een hiv-remmer.

    Isentress
    De integraseremmer raltegravir

    -itis
    Het achtervoegsel itis betekent meestal ontsteking. Bijvoorbeeld retinitis, pancreatitis.

    ITT
    Zie bij: on treatment

    ITP
    Idiopathische
    (oorzaak onbekend) trombocytopenische purpura. Tekort aan bloedplaatjes doordat deze door antistoffen worden aangevallen. (Een autoimmuunziekte: het immuunsysteem valt het eigen lichaam aan.). Komt vrij vaak voor bij hiv-positieven. Soms wordt ook wel de term immunonologische tromboctypenische purpura gebruikt.

    IV
    intraveneus.

    Contact

    Professionals kunnen met vragen en voor ondersteuning terecht via e-mail:
    Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

    [ Copyright © 2013 Hiv Vereniging Nederland. ] Disclaimer | Colofon | Privacy | Inloggen